Slachten van pluimvee en lagomorfen (konijnen, hazen en eetbare knaagdieren) op de plaats van productie

1. Het slachten van pluimvee en lagomorfen op de plaats van productie voor de rechtstreekse verkoop aan de consument, voor zover het per jaar ten hoogste gaat om 500 stuks pluimvee en 250 stuks lagomorfen


De producent mag pluimvee en lagomorfen slachten op zijn bedrijf, voor zover het per jaar ten hoogste gaat om 500 stuks pluimvee en 250 stuks lagomorfen, indien hij voldoet aan de volgende voorschriften:
• Karkassen van dieren die op een andere manier gestorven zijn dan door slachting mogen niet voor menselijke consumptie worden gebruikt.
• Het bedwelmen, het verbloeden, het plukken of villen, het verwijderen van de ingewanden en andere vormen van uitslachten moeten zonder uitstel plaatsvinden op zodanige wijze dat verontreiniging van het vlees wordt voorkomen.
• Na verwijdering van de ingewanden moeten geslachte dieren zo spoedig mogelijk worden schoongemaakt en gekoeld tot een temperatuur van ten hoogste 4 °C.
• Er is voldaan aan de hygiënevoorschriften van bijlage II bij Verordening (EG) 852/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29/04/2004 inzake levensmiddelenhygiëne .

Hij mag de gehele karkassen slechts rechtstreeks leveren aan de consument op de plaats van productie. Karkassen en slachtafval mogen niet versneden of verwerkt worden.


2. Het slachten van pluimvee en lagomorfen op de plaats van productie voor de rechtstreekse verkoop aan de consument, voor zover het per jaar ten hoogste gaat om 2000 stuks pluimvee en 1000 stuks lagomorfen

De producent mag pluimvee en lagomorfen slachten op zijn bedrijf, voor zover het per jaar ten hoogste gaat om 2000 stuks pluimvee en 1000 stuks lagomorfen, indien hij voldoet aan de volgende voorschriften:
• Karkassen van dieren die op een andere manier gestorven zijn dan door slachting mogen niet voor menselijke consumptie worden gebruikt.
• Het bedwelmen, het verbloeden, het plukken of villen, het verwijderen van de ingewanden en andere vormen van uitslachten moeten zonder uitstel plaatsvinden op zodanige wijze dat verontreiniging van het vlees wordt voorkomen.
• Na verwijdering van de ingewanden moeten geslachte dieren zo spoedig mogelijk worden schoongemaakt en gekoeld tot een temperatuur van ten hoogste 4 °C.
• De producent beschikt over een lokaal:
     • dat voldoende groot en geschikt is om de dieren hygiënisch te slachten en uit te slachten, waarbij het verwijderen van de ingewanden op een andere plaats wordt uitgevoerd dan de overige slachtverrichtingen.
     • dat zodanig is ingericht en uitgerust dat de slachtverrichtingen er op een hygiënische wijze kunnen gebeuren.
     • met de nodige voorzieningen om te vermijden dat het vlees in contact komt met vloeren en muren.
     • met de nodige voorzieningen voor het wassen en ontsmetten van het gereedschap en de handen.
• Er is voldaan aan de hygiënevoorschriften van bijlage II bij Verordening (EG) 852/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29/04/2004 inzake levensmiddelenhygiëne .
• Als pluimvee en lagomorfen in hetzelfde lokaal worden geslacht, moet dit gebeuren op verschillende tijdstippen of op verschillende plaatsen.
• De producent beschikt over een erkenning ‘slachten op de boerderij’

Hij mag de gehele karkassen enkel rechtstreeks leveren aan de eindverbruiker op zijn bedrijf of op de plaatselijke markt.

De verkoop is beperkt tot gehele karkassen. Karkassen mogen niet (vooraf) versneden worden en niet worden verwerkt tot gehakt vlees, vleesbereidingen of vleesproducten. Enkel op aanvraag en in aanwezigheid van de consument mogen de karkassen in stukken worden versneden.

De plaatselijke markt is beperkt tot de markt gehouden in de gemeente waar de producent gevestigd is en in de aangrenzende gemeenten. Indien in deze gemeenten geen markt wordt gehouden, is de plaatselijke markt beperkt tot de dichtstbijzijnde weekmarkt.


3. Het slachten op het bedrijf van pluimvee waarvan de verwijdering van de ingewanden is uitgesteld, van ganzen en eenden die voor de productie van ‘foie gras’ zijn gehouden en van vogels die niet als landbouwhuisdier worden beschouwd, maar wel als landbouwhuisdier worden gekweekt, alvorens ze naar het slachthuis worden overgebracht.

Bovenvernoemd pluimvee mag alvorens ze naar het slachthuis worden overgebracht, op het bedrijf worden geslacht mits toestemming van het FAVV en mits aan volgende voorwaarden wordt voldaan:
• Op het bedrijf worden regelmatig veterinaire inspecties verricht.
• De exploitant van het levensmiddelenbedrijf stelt het FAVV vooraf in kennis van de datum en het tijdstip waarop de dieren worden geslacht.
• Voor het verrichten van een antemortemkeuring (gezondheidsonderzoek van de dieren voor het slachten) beschikt het bedrijf over voorzieningen voor het bijeenbrengen van de dieren.
• Het bedrijf beschikt over de nodige lokalen om de dieren hygiënisch te slachten en verder uit te slachten.
• Aan alle eisen betreffende het welzijn van de dieren is voldaan.
• De naar het slachthuis gebrachte geslachte dieren gaan vergezeld van een verklaring van de exploitant van het levensmiddelenbedrijf die het dier heeft gekweekt, waarin de toegediende diergeneesmiddelen of andere behandelingen die het dier heeft ondergaan, de data van toediening of behandeling en de wachttijden, alsook de datum en het tijdstip van de slachting zijn vermeld.
• Het naar het slachthuis gebrachte geslachte dieren dienen te zijn vergezeld van een gezondheidscertificaat.
• In het geval van pluimvee dat is gekweekt voor de productie van ‘foie gras’ worden de niet van de ingewanden ontdane dieren onmiddellijk, en zo nodig gekoeld, naar een pluimveeslachterij of een uitsnijderij vervoerd. Zij worden binnen 24 uur na het slachten van de ingewanden ontdaan.
• Pluimvee waarvan de verwijdering van de ingewanden is uitgesteld en dat is verkregen op het bedrijf van herkomst, kan tot 15 dagen worden bewaard bij een temperatuur van ten hoogste 4 °C. Vervolgens wordt het van de ingewanden ontdaan in een pluimveeslachthuis.


4. Wetgeving

K.B. van 22/12/2005 betreffende de hygiëne van levensmiddelen van dierlijke oorsprong
Verordening (EG) 852/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29/04/2004 inzake levensmiddelenhygiëne
Verordening (EG) 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29/04/2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong

Copyright (c) 2009 Steunpunt Hoeveproducten